Jeroen de Graaff: clarinet, saxophone Richard Heeres: trumpet, vocals Marcel Degeling: banjo Sam Verbeek: trombone, vocals Berry Schuuring: drums José Baars: bass

Op mijn 7e ben ik begonnen met blokfluit spelen, zoals bijna iedereen op school begon met z’n eerste muzieklessen. Toen ik negen was vond ik de saxofoon wel een stoer instrument, ware het niet dat meer kinderen daar hetzelfde over dachten waardoor er op KSM (muziekkorps) een ellenlange lijst was, en ik uiteindelijk thuiskwam met een klarinet. Driftig ging ik met dat ding aan de slag en al gauw stond ik, samen met mijn vader aan het orgel, in de katholieke kerk Hey Jude te vertolken (wat ik trouwens met die blokfluit het jaar daarvoor ook al deed…) en zo luidde ik m’n solocarrière in.

Ook maakte ik in die tijd kennis met oude stijl. Samen met mijn ouders en hun vrienden gingen we dan naar een jazzband kijken, ik kan me herinneren dat ze blauwwit geblokte overhemden droegen, en samen met Jorg glipte ik dan illegaal tussen onze ouders in naar binnen. (Mocht dat niet helemaal waar zijn: wij dachten in ieder geval het illegaal was….)

Na 4 jaar klarinetles bij Ingrid Hensdijk nog een paar jaar bij KSM gebleven tot Hans Peter Pluim belde dat hij een bandje wilde opzetten met jong gespuis om Enkhuizen te voorzien van vers jazzbloed.

Uiteindelijk resulteerde zijn actie in The Poultry Jazzband (pluimvee) dat veel succes had in binnen- en buitenland. Zevenenhalf jaar heb ik daarvan deel mogen uitmaken, een fantastische tijd was dat, zowel muzikaal als op persoonlijk vlak een hele hechte band. Een heel eigen stijl en geluid had deze formatie met name door onze gedrevenheid (de band gaat voor alles) en door het feit dat Bart Matthesius fantastische arrangementen terug kon schrijven van Big-band naar een 6-mans formatie. Door de band heeft ook de helft één of meer jaren op het conservatorium doorgebracht, ikzelf 1 jaar saxofoon in Den Haag.

Na zevenenhalf jaar verliet ik de band voor het Korps Mariniers en speelde ik vier jaar niet meer. Tot de laatste wintertraining inluidde en ik voor de Generaal-Majoor der Nederlandse Strijdkrachten, die inspectie op ons hield, “Tequila” in de sneeuw speelde, verkleed als Sneeuwtrol-met-vikinghelm. Ook verzorgden we toen voor 800 mariniers een ‘70’s party met wat sergeanten en majoors, waarna bij mij de vingers toch weer begonnen te jeuken….

Sindsdien speel ik dus weer, naast The Old Fashioners in de Blaaskaken en hier en daar af en toe wat invalwerk of een jamsessie in de stad.


Ik ben Marcel Degeling en ik ben vlak na de basisschool in aanraking gekomen met de oude stijl jazz muziek. Naast mijn ouders woonde Ruud Peerdeman die mij de eerste beginselen van muziek maken bijbracht. Eerst op piano, later op trompet en uiteindelijk op de banjo. Die tijd luisterde ik eigenlijk alleen naar muziek van the Beatles, Rolling Stones en Moody Blues. Langzamerhand kregen toen Duke Ellington, Louis Amstrong en Chris Barber de overhand. Mijn voorliefde voor de Beatles is echter gebleven.

Mijn eerste “optreden” met een banjo was tijdens een jamsession in Du Passage in Enkhuizen. Ik kende nog maar drie akkoorden maar ik had een geweldige avond. Of de overige deelnemers aan de jamsession hierdoor ook zo´n leuke avond hadden verteld het verhaal verder niet. Ruud speelde zelf trompet in een oude stijl jazzband, de Freetime Olddixie Jassband, en hij nam mij wel eens mee naar een optreden. Door hem ben ik oude stijl jazz gaan waarderen. Toen hij de Freetime verliet en in 1978 een andere band, de Stevedore Jazzband, oprichtte, ben ik in die band banjo gaan spelen. Dat was in het begin heel moeilijk omdat ik geen enkele bühne-ervaring had en mijn instrument niet goed beheerste. Ik heb toen de stoute schoenen maar eens aangetrokken en heb Dick Turksma gevraagd om mij een tijdje les te geven. Van hem heb ik toen zoveel geleerd dat ik banjospelen echt leuk begon te vinden en nog steeds leuk vind. Toen wij besloten om de Stevedore Jazzband in 1988 op te heffen ben ik vrijwel direct bij de Old Fashioners gaan spelen.

The Old Fashioners hebben geen specifieke stijl. We spelen vooral de nummers die we leuk vinden zonder ons af te vragen of het wel helemaal past in het Oude Stijl idioom. We willen vooral de dingen spelen die ons aanspreken. De meeste van ons hebben de sixties, de seventies, de eighties en de nineties meegemaakt. Als je alle invloeden van de muziek van deze perioden neemt en daarbij de muzikanten van de band hun eigen gang laat gaan krijg je de typische TOF sound. Ik ben er best trots op dat we van de Old Fashioners een nationaal en internationaal erkende band hebben gemaakt.

Ik heb niet echt een voorbeeld, een idool, binnen de oude stijl jazz of het zou Jim Macintosh moeten zijn. Wat hij ritmisch doet vind ik heel knap. Als je vaker naar zo iemand luistert ga je dingen van hem overnemen. Ik heb mijn banjo, een Bacon & Dee uit 1927 eens laten bespelen door Spats Langham. Ik wist niet dat je zoveel noten uit een banjo kon halen. Nou ja, dan had ik maar meer moeten oefenen.


Op 6 Oktober 1983 zag ik in Enkhuizen het licht buiten de baarmoeder. Al vanaf kleins af aan was ik bezig om de potten en pannen van mijn moeder ritmisch te vernielen. Op mijn 4e kreeg ik daarom ook mijn eerste trommel. Vanaf toen had ik het ritme virus al flink te pakken. Op de basisschool herkende niemand mij meer zonder trommel. In die periode heb ik ook mijn solo debuut gemaakt als zijnde The little drummer boy, een titel die ik nu nog steeds moet horen.

Drumles aan de muzieksschool had ik snel gezien. Ik heb toen maar zo snel mogelijk mijn A en B hafabra gehaald want dat was toen nodig voor het KSM (Harmonie uit Enkhuizen). Na mijn overstap van de Dindua Jeugddrumband bleven de bezigheden maar komen. Ik ben bij een kinderkoor gaan drummen en in die tijd kwam ik ook bij The oriental jazzband achter het drumstel.

In de tijd die volgde kwam er een jongerenkoor bij (reaching hand), een cover band (britney and the spears) een blaaskapel (de blaaskaken).

In de zomer van 2005 ben ik tijdelijk in Den Haag gaan wonen. En ben daar aan het werk geraakt als drummer bij Crazy Piano`s in Scheveningen. Voor degene die daar nog nooit geweest zijn: GA ERHEEN !!! Via de toenmalige dirigent van KSM ben ik ook in de musical wereld terecht gekomen. Wat onder andere leidde tot het werken in het productie team van Rembrandt de Musical.

Verder volgden nog het oprichten van The Harbour Hepcats bigband ! En optredens met bn`ers zoals: Tony Neef,George Baker,Danny de Munk,Chaira Borderslee,Pia Douwes e.v.a.

Nu op mijn 23e speel ik al weer bijna zo`n 2 jaar bij the Old Fashioners. Ik had de eer om de legendarische Siem Brieffies op te mogen volgen. Het is een echte power band waar ik lekker los kan gaan en ook nog wat liedjes mag zingen !!!

Tot zover dus mijn muzikale loopbaan, en ik hoop van harte dat er hier over een jaar of 2 weer 3 pagina`s aan extra info bijstaan.


Berry Schuuring, drums.
Geboren op 24 februari 1954 te Tilburg. Met 2 jaar liep al door de straten van Tilburg met een blikken trommel, thuis waren de potten en pannen ook niet veilig, tot groot verdriet van mijn moeder. Op mijn 4e verjaardag krijg ik een echte trom met de kalfsvellen en kattendarmsnaren die mijn opa speciaal had laten maken zodat ik niet voorover viel van het zware gewicht van een standaard trom, van mijn opa kreeg ik de eerste lessen in het beroeren van de trom ( hij was zelf tamboer in het leger ) dat 2 jaar daarna werd beloond met een lidmaatschap van de harmonie waar natuurlijk mijn opa ook lid van was. Door veel ervaring opgedaan te hebben bij diverse drumbands kwamen de orkesten om de hoek kijken. Na mijn schooltijd speelde en repeteerde ik in diverse amusementsorkesten. Op mijn 16e jaar ging ik naar het Korps Mariniers waar ik aantrad bij de Tamboers en Pijpers, hier ben ik gebleven tot mijn FLO (functioneel leeftijdsontslag) Hierbij speelde ik ook als slagwerker bij de Steelband van de Tamboers en Pijpers. Mijn laatste 5 jaar heb ik de functie bekleed van Tamboer maître. In 1976 kwam ik in aanraking met de jazz en dixielandmuziek, eerste nog even wat bijles genomen bij Huub Janssen om de fijne kneepjes door te krijgen, het was kort maar krachtig met Huub, veel geleerd en een hoop gelachen. Hierna volgde een reeks van orkesten als vaste en invallende drummer. Onder andere van 1976 tot 1988 bij The Paradise Jazzband, van 1989 tot 1991 bij de Big Band Papendrecht. Van 1989 tot 1995 in de formatie Dixie Six, van 1996 tot 2000 weer terug bij The Paradise Jazzband. Vanaf de start in 2000 tot 2008 bij The Pepperhouse Swing Factory. Ingevallen als drummer bij de The South Jazzband en New Five en diverse show- en amusementsorkesten. Tevens bekende namen begeleid als Jan Morks, Benny Waters, Beryl Breyden, Sheilla Collier, Meta de Vries, Conny van Bergen en Jean ‘Toots’ Tielemans.

Sam: "Ik ben vanaf 1982 verbonden aan The Old Fashioners. Ondertussen zijn we enkele wisselingen en flink wat jaren verder en dat heeft geresulteerd in het feit dat ik van de jongste in de band opeens de oudste ben geworden... Tja, zo gaat dat. Ik kom uit een jazzminded gezin en ben geboren en getogen in het Alkmaarse in het schrikkeljaar 1956. Door mijn werk kwam ik eind 1974 in Enkhuizen terecht en kwam daar al rap in contact met de toenmalige jazzscene. In dat jaar was er voor het eerst een Jazzfestival in de Haringstad geweest. In de toenmalige kelderbar Die Drie haringhe (die volgens mijn berekeningen gedeeltelijk mijn eigendom moet zijn) van Jan Bok, speelde met enige regelmaat de Freetime Old Dixie Jassband, toen een kleine 4 jaar bezig. Heerlijke, vrolijke, goede en aanstekelijke muziek. Thuis had ik ooit wel wat gitaar gespeeld, maar dat hield verder op met "If I had a Hammer" van Trini Lopez. In 1976 kende het Jazzfestival Enkhuizen voor het eerst een echt openingsconcert op vrijdagavond in de oude werf aan de Paktuinen. Ik was toen net toegetreden tot de werkploeg van het jazzfestival, laten we zeggen een groep idioten die -uiteindelijk- een driedaags jazzfestival organiseerde, wat tot op de dag van vandaag bestaat. Tijdens dat openingsconcert speelde de Max Collie Rhyhtm Aces, u weet wel die roemruchte, eerste bezetting. Ik was verkocht, wat een entertainment, wat een jazzgeweld.

In 1977 tikte ik mijn eerste trombone op de kop, een Besson. Mijn lessen heb ik gevolgd bij Rob Vlam, de trombonist van de Freetime. Rob was destijds zelf in opleiding aan de Muziek Pedagogische Academie te Alkmaar, dus hij kon zijn lusten op mij botvieren als beginnend leraar. En ik op mijn beurt op hem. Voor de trombonepuriteinen: ik speel vanaf 19982 op een King 3B, een heerlijk scheurijzer waar ik graag mijn verzameling mutes in mag proppen. Uiteindelijk resulteerde het oefenen bij Rob vanaf 1979 in een plekje bij de beruchte Freetime Old Dixie Streetparaders, het straatorkest van de Freetime. Bij deze band ben ik tot ongeveer 1997 gebleven: het straatorkest werd toen opgedoekt. Een wereldtijd, mooie muziek gemaakt, tranen met tuiten gelachen en veel van Nederland en Europa gezien.

Terug naar The Old Fashioners. Na de eerder omschreven wisselingen werd ik destijds ook als lei(ij)der bebombardeerd wat ik tot op de dag van vandaag met veel plezier doe. Laten we zeggen, ik ben trots op hetgeen wij als band in die jaren bereikt hebben: nagenoeg alle jazzclubs en -festivals in Nederland bezocht, een fiks aantal trips naar het buitenland achter de rug en als klap op de vuurpijl een CD op de markt gebracht die kort na het verschijnen werd ontdekt in New Orleans, Amerika. Wie had dat gedacht? T.O.F. brachten een CD uit op het beroemde GHB-label. Om eerlijk te zijn: ik niet. Ik zie het ook als een waardering voor T.O.F. maar ook voor de Jazz in Enkhuizen! Verder ben ik op bestuursgebied in de jazzwereld actief: Ik ben voorzitter/muziekplanner van Sgt. Pepper's Jazz-Club en bestuurslid/muziekplanner van het Enkhuizer Jazzfestival. Afijn, naast mijn dagelijks werk heb ik een druk en muzikaal leventje wat ik zeker niet zou willen missen".


Toeters, gitaren, piano? Wat zijn dat?

Nooit was er enige twijfel. Drumstellen, bekkens en vooral stokken, lekkere dikke goed in de hand liggende stokken. Dat zijn voor mij pas interessante dingen. De rest is niet leuk genoeg.

Met drums en dan vooral vette drums zet je die deinende groove neer die zo belangrijk is voor willekeurig welke muziek dan ook.

Ik doe dat al sinds jaar en dag bij de Fashioners. Waarom? Gewoon uit medemenselijkheid. Al jaren werd er wat afgesoebat en daarin wilde ik wel eens verandering brengen. Het was even wennen voor beide patijen, maar toch verloopt het zo al geruime tijd naar redelijke tevredenheid.

Voor hoelang nog? Weet ik niet. Zien we wel.


Ik heet José Baars. Ik speel contrabas sinds 1978. Het is wel aardig hoe dat gegaan is: Thuis was ik al opgegroeid met klassieke muziek, vooral Bach, mijn vader hield daar veel van. Op mijn veertiende begon ik met gitaar spelen, en luisterde ik naar wat toen in de mode was: Deep Purple, Yes, Led Zeppelin. Al vlug kwamen daar Weather Report, Stanley Clarke en Jaco Pastorius bij. Ik ging verder luisteren, en via Duke Ellington en Charlie Parker kwam ik bij Charles Mingus terecht, die nog steeds mijn grote held is.

Veel mensen die van de Old Fashioners houden, zullen niet verschrikkelijk blij worden van Charles Mingus, en er zijn zelfs mensen die er aanstoot aan zouden kunnen nemen. Rot voor ze. Er zijn veel meer overeenkomsten dan verschillen tussen alle soorten muziek die ik zojuist genoemd heb.

Ik kocht dus een contrabas, want dat wilde ik ook. Ik speelde al basgitaar, en vrij snel kwam ik bij de Stevedore Jazzband terecht. Na tien jaar kwam kwam ik in de Tin Pan Alley Jazzband, en sinds 1993 speel ik in de Old Fashioners.

De Old Fashioners zijn bekend ( misschien zelfs berucht ) om hun enthousiasme en hun uitstraling. Tijdens een optreden in Arnhem noemde men dat 'verantwoord geweld'. Dat komt voornamelijk omdat binnen de band iedereen zijn eigen 'ding' kan, mag en moet doen, want niemand voelt zich geroepen te vertellen hoe het moet. Dat komt voornamelijk omdat we daar te dom voor zijn, maar ook omdat de meningen daar nogal over verschillen, zet de radio maar eens aan. Meestal stelt Sam een nummer voor, en dan proberen we het gewoon. Vaak doen we het nummer niet, als het niet wil, maar meestal wel. Het is dan meteen herkenbaar als TOF nummer, het is dan meteen iets eigens en anders. Voor mij is dat het belangrijkste en de reden dat ik nu dus al 10 jaar bij The Old Fashioners speel.

De bezetting van de band bestaat uit zeer ervaren jazzmuzikanten. De trompet wordt gespeeld door Richard Heeres. Sinds 2001 speelt Jeroen de Graaff saxofoon. Veel mensen zullen hem nog kennen van de Poultry Jazzband, een fantastische band die inmiddels ter ziele is. Sinds 1982 wordt de trombone gespeeld door Sam Verbeek. Hij is dus thans het langst aanwezig TOF-lid. Sam is, naast trombonist, ook de zanger en leider van het orkest. Naast de band vervult hij de jazzfunctie van voorzitter in het bestuur van de Sgt. Pepper´s Jazz-club te Enkhuizen en is tevens reeds jaar en dag verbonden aan de organisatie van het Jazzfestival in Enkhuizen. Nadat in 1988 de Stevedore Jazzband ter ziele ging, maakte Marcel Degeling met zijn banjo meteen de overstap naar The Old Fashioners. De stringbass wordt vanaf 1993 bespeeld door José Baars, eveneens afkomstig uit de voormalige Stevedore Jazzband, en later The Tin Pan Alley Jazzband. Siemen Brieffies volgde zijn twee makkers, maar werd in 2005 vervangen door Robin Visser, die in 2007 de band weer verliet: Berry Schuuring is het nieuwste lid van de Old Fashioners, met een donderend geluid. U zult het zien en horen; een spetterende ritmesectie, die met elkaar een geweldige formule 1-motor formeren in de band.